3 min leestijd

Waarom energieplanologie steeds belangrijker wordt

  • EIFFEL Projects
Pieter ZuiderveldPieter Zuiderveld
Wietske Teeuwisse

Vragen?

Stel ze aan Wietske Teeuwisse

Wie werkt aan de energietransitie herkent het: je weet wat je wilt bouwen, verduurzamen of ontwikkelen, maar het netwerk kan het niet aan. Het gebrek aan netcapaciteit frustreert beleid en uitvoering. Meer kabels trekken en transformatorstations bouwen is vaak het standaardantwoord. Maar dat gaat niet op.

“We kunnen niet overal tegelijk de schop in de grond zetten”, zegt Pieter Zuiderveld, business manager bij EIFFEL Projects. “Daarom moeten we slimmer kijken: wat past waar, en hoe kunnen we plannen aan elkaar koppelen?”

Tijdens zijn opdracht bij Alliander werkte Pieter aan provinciale energievisies, waarin gemeenten en netbeheerders samen kijken naar de toekomst van hun energiesysteem. Geen papieren exercitie, maar een noodzakelijke realitycheck. “Wat staat er op de planning? Waar komen woningen, bedrijven, zonneparken? En hoe matcht dat met de bestaande of geplande infrastructuur?”

De kern: de energievisie wordt pas waardevol als die is afgestemd met de omgeving. Pieter: “Je hebt data nodig, maar het begint met dialoog. Gemeenten weten vaak beter wat er echt gaat gebeuren dan de modellen die Liander maakt. Die modellen moeten altijd worden getoetst met de omgeving. Soms ontbreekt cruciale informatie – zoals de exacte locaties van nieuwe woningen vanwege risico op grondspeculatie – maar als Liander ongeveer weet waar ontwikkelingen gepland zijn, kunnen ze het net daar wél op voorbereiden.”

Niet bouwen om te bouwen

In plaats alleen ‘meer bouwen’, gaat het om een combinatie van meer bouwen én beter plannen. Als voorbeeld noemt Pieter het combineren van functies: “Zet een bedrijventerrein dat wil verduurzamen dichter bij een gepland zonneveld. Of combineer wind- en zonne-energie op dezelfde kabel. Dan benut je de capaciteit optimaal, zonder nieuwe infrastructuur aan te leggen.” Dat is de essentie van energieplanologie: planologische keuzes maken op basis van energielogica en op basis van de ruimtelijke en ondergrondse realiteit. Er moet rekening gehouden worden met drie lagen: de occupatielaag (woningen, bedrijvigheid, mobiliteit, opwek), de netwerklaag (beschikbare en geplande energie-infrastructuur) en de water- en bodemlaag (overstromingskansen, bodemdaling én hoe vol de ondergrond al zit met riolering, glasvezel, kabels en leidingen). Pas door deze drie lagen te combineren kun je integrale planologische keuzes maken.

Het resultaat? Meer regie, minder verspilling, snellere realisatie, betere onderbouwing richting bestuurders en vooral: een grotere haalbaarheid van toekomstige ontwikkelingen.

Wat dit vraagt van opdrachtgevers

Veel overheden en netbeheerders worstelen met vragen als:

  • Wat betekent netcongestie concreet voor mijn gebied?
  • Hoe pas ik mijn warmte- of woningbouwprogramma aan?
  • Hoe maak ik keuzes die technisch en bestuurlijk haalbaar zijn?

Pieter ziet dagelijks de waarde van consultants die inhoud combineren met proces en bestuurlijke sensitiviteit. “Zeker bij kleine gemeenten ontbreekt soms de kennis of capaciteit om dit soort integrale afwegingen te maken. Dan is het waardevol als iemand meedenkt die het speelveld al snapt.”

Meer dan een poppetje op een plek

Wat opdrachtgevers van EIFFEL Projects kunnen verwachten? Geen cv-schuiven, maar betrokken consultants die meebouwen aan een oplossing. Steeds vaker in teamverband, zodat kennis gedeeld en geborgd wordt. Pieter: “Het helpt als je niet alleen iemand krijgt die uitvoert, maar ook iemand die meedenkt over het proces, de vraag achter de vraag en de onderlinge samenhang van plannen. Dan maak je echt tempo.”

Ook behoefte aan meer regie en minder reactief handelen?

We denken graag mee over hoe je inhoud, planning en besluitvorming beter op elkaar afstemt. 

Zien hoe we met data besluiten mogelijk maken?

Lees de klantcase

Of hoe Pieter zijn inzichten inzet als manager?

Lees zijn ervaringsverhaal