2 min leestijd

Woo en semipublieke instellingen: hoe open moet onderwijs en zorg zijn?

  • Team EIFFEL
Gesprek over woo en semi-publieke overheid Gesprek over woo en semi-publieke overheid
Team Eiffel logo

Vragen?

Stel ze aan het Woo-expertisecentrum

De Wet open overheid (Woo) moet overheidsinformatie toegankelijker maken. Maar wat betekent dat voor semipublieke instellingen zoals universiteiten, ziekenhuizen en GGZ-instellingen? Vaak wordt gezegd: de Woo geldt niet voor ons. Uit onze juridische analyse blijkt echter dat de werkelijkheid complexer is.

Wanneer valt een instelling onder de Woo?

De Woo geldt voor bestuursorganen zoals beschreven in artikel 1:1 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Dat zijn enerzijds publiekrechtelijke rechtspersonen (zoals ministeries en openbare universiteiten) en anderzijds privaatrechtelijke instellingen die overheidstaken uitvoeren en dus als b-orgaan functioneren. Bij die laatste categorie wordt gekeken naar:

  • De mate waarin de instelling overheidstaken uitvoert;
  • Of de instelling besluiten neemt met publiekrechtelijke gevolgen;
  • De omvang van publieke financiering en publieke verantwoording.
    De uitkomst verschilt dus per instelling en zelfs per taak.

Onderwijsinstellingen: openbare en bijzondere universiteiten

Openbare universiteiten (bijvoorbeeld Rijksuniversiteit Groningen) vallen volledig onder de Woo. Bijzondere universiteiten en hogescholen, zoals de Vrije Universiteit of particuliere hogescholen, hebben een privaatrechtelijke grondslag en vallen alléén onder de Woo wanneer zij openbaar gezag uitoefenen. Dat gebeurt bijvoorbeeld bij het verstrekken van diploma’s. Rechtspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bevestigt dit: alleen bij beslissingen over getuigschriften zijn bijzondere onderwijsinstellingen aan te merken als bestuursorgaan. Praktische implicatie: een Woo-verzoek kan dus alleen betrekking hebben op documenten die samenhangen met die specifieke bevoegdheid, niet op bijvoorbeeld interne beleidsdocumenten.

Zorginstellingen: academische ziekenhuizen en GGZ

Zorginstellingen: academische ziekenhuizen en GGZ
Academische ziekenhuizen zoals Amsterdam UMC hebben een publiekrechtelijke status en vallen daarom onder de Woo. Voor private ziekenhuizen en GGZ-instellingen ligt dit anders: zij vallen doorgaans niet onder de Woo, tenzij zij overheidstaken uitvoeren. Een voorbeeld is een uitspraak van Rechtbank Den Haag (2022), waarin een private zorgaanbieder als b-orgaan werd gezien bij de toekenning van een zorgbonus – dat specifieke besluit viel dus wél onder de Woo, maar de rest van de interne bedrijfsvoering niet.

GGZ-instellingen en de Wmo

Bij GGZ-instellingen gaat het vaak om zorg die gefinancierd is vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). De gemeente beslist over de toekenning van zorg, niet de GGZ-aanbieder zelf. Woo-verzoeken over die beslissingen moeten daarom bij de gemeente worden ingediend. Zorginstellingen die enkel uitvoering geven aan toewijzingen vallen buiten de Woo.

Praktische gevolgen: waar moeten instellingen op letten?

Voor juristen, beleidsmakers en bestuurders binnen zorg en onderwijs betekent dit:

  • Analyseer Woo-verzoeken altijd zorgvuldig per taak en bevoegdheid;
  • Houd dossiers die wel onder de Woo vallen goed gestructureerd en toegankelijk;
  • Communiceer helder met Woo-verzoekers om onnodige misverstanden of juridische procedures te voorkomen.
    Het is onvoldoende om simpelweg te stellen “de Woo geldt niet voor ons” – je moet per onderdeel onderbouwen waarom wel of niet.

Bottomline

De Woo stelt semipublieke instellingen voor een transparantie-opgave die complexer is dan vaak gedacht. Niet alles hoeft openbaar, maar sommige taken en beslissingen vallen wél degelijk onder de wet. Met scherpe juridische analyse, goede dossiervorming en proactieve communicatie kunnen zorg- en onderwijsinstellingen aan hun transparantieverplichtingen voldoen zonder zichzelf bloot te stellen aan onnodige risico’s.